Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam.

26 september 2021 | 20 Tishri 5782

Korach

Korach

De sidra van deze week, Korach, begint met een enigma. Het eerste woord van de sidra is “wajikach” “hij greep” of “hij pakte” of misschien wel “hij nam mee”. Het is duidelijk dat Korach iets pakte of greep of misschien wel meenam, maar wat dat dan is, staat niet in de zin.

In het boek Bemidbar komt iedereen aan de beurt, Mosjé zelf, zijn familie, de leiders van het volk en in de sidra Balak de rest van de wereld. Ieder op zijn beurt laat zien wat het betekent om verkeerde beslissingen te nemen en zomaar wat te roepen. Bemidbar heeft prachtige verhalen maar het is niet het prettigste boek om te lezen.

Korach is uit de stam Levi, de stam waar ook Mosjé en Aharon toe behoren. De nakomelingen van Aharon worden Kohanim, de Priesters in de Tempel, maar de taak van de overige Levieten is heel beperkt. Levieten die niet afstammen van Aharon hebben alleen een dienende, secondaire taak in de offerdienst. Korach is het daar niet mee eens en weet dat mooi onder woorden te brengen. “Waarom maken jullie jezelf groot? heel het volk is heilig en de Eeuwige is in hun midden!” (Bemidbar 16:3)

Dus blijft de vraag, wat was het dat Korach meenam? Verschillende commentaren hebben verschillende oplossingen. Voor de één is het alleen maar een kleine schrijffout, één letter te veel, en wordt bedoeld dat Korach niet -samen met- Datan en Abiram naar Mosjé ging, maar hen meenam. Of dat het gaat om de tweehonderdvijftig mannen die even later deel uitmaken van het verhaal. Of misschien is het wel dat “hij greep” hier iets moet betekenen van “hij begreep”, hij kreeg een idee.

In een midrasj (Bemidbar Rabba 18:3) wordt dit verhaal gekoppeld aan het voorgaande. Aan het eind van de sidra Selach Lecha staat de opdracht om een taliet te maken met aan de hoeken draden waarvan één “tchelet” gekleurd moet zijn. Tchelet is een bepaald soort blauw. Onze talitot hebben gewoonlijk alleen witte draden, waarom dat zo is en waarom sommigen toch een blauwe draad hebben, is een ander verhaal, dat komt een ander keer wel. Korach hoort Mosjé aan, zegt de midrasj, en een gedachte vat bij hem post. Hij pakt een taliet die helemaal blauw, “tchelet”, is. Hij maakt er zelfs 250 zo, neemt een heleboel mensen mee naar Mosjé en begint een openbaar gesprek: ‘Als een taliet helemaal blauw is, heb je dan nog een blauwe draad nodig in de hoeken?’ ‘Ja’, zegt Mosjé, ‘God heeft niets gezegd over een blauwe taliet, de kleur is niet relevant’. ‘En als je een huis vol boeken over Jodendom hebt, waarin de hele Tora staat, moet je dan nog een mezoeza met een klein stukje uit de Tora naast de deur hangen’, ‘Ja’ zegt Mosjé, ‘of je een huis vol boeken hebt maakt niet uit, de opdracht is om een mezoeza aan de deur te hangen’. ‘En als iedereen heilig is’, eindigt Korach zijn redenatie, ‘heb je dan nog Kohaniem, priesters uit de familie van Aharon nodig?’

Korach als Boze Man die een pakkende rede houdt waarin hij gebruik maakt van citaten uit Tora en een gedachtestroom op gang brengt die authentiek klinkt, maar het niet is. Met zijn pakkende en innemende redenatie neemt hij zijn gehoor beet. Uiteindelijk gaat het er om zijn eigen belang te dienen. Hij lijkt geen bezwaar te hebben tegen de rol van Mosjé of Aharon, hij wil die rol vooral zelf vervullen. Korach's visie als alternatieve feiten, de midrasj als Fact Checking Agency. 

Nieuws

Fotoalbum toegevoegd: Dagtocht Rotterdam op 25 augustus 2019 Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: Poerim 5780 Lees meer >>
De Rabbijn legt uit: Offer... Lees meer >>

september

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30