Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam.

23 maart 2019 | 16 Adar II 5779

De rabbijn legt uit

De rabbijn legt uit

Deze week is de laatste sjabbat vóór Poerim, Sjabbat Zachor. Het boek Esther legt een link tussen de Amalekieten en Haman. De Amalekieten zijn het volk dat in de woestijn de achterhoede van het, op dat moment, weerloze Joodse volk aanviel en zijn daarmee symbool in onze traditie van het ongebreidelde, blinde, kwaad, degenen die anderen iets aandoen, vooral, omdat ze dat kunnen. Haman wordt in datzelfde licht gezien. Iemand die Joden zonder reden haat, zelfs als dat leidt tot zijn eigen vernietiging. Op Sjabbat Zachor lezen we uit een tweede rol deze woorden over Amalek:

Herinner u wat Amalek u onderweg aangedaan heeft, toen u uit Egypte wegtrok: hij ontmoette u onderweg en overviel bij u in de achterhoede alle zwakken achter u, terwijl u moe en uitgeput was; en hij vreesde God niet. Als de Eeuwige, uw God, u rust gegeven heeft van al uw vijanden van rondom, in het land dat de Eeuwige, uw God, u als erfelijk bezit geeft om dat in bezit te nemen, moet het zó zijn dat u de herinnering aan Amalek van onder de hemel uitwist. Vergeet het niet! (Dewarim [Deuteronomium] 25:17-19)

Als je ooit een voorbeeld zoekt van een tekst met een probleem, dan kun je deze als voorbeeld geven. In het eerste vers wordt je opgeroepen Amalek te herinneren. In het laatste vers moet je de herinnering aan Amalek juist uitwissen en dat moet je vooral niet vergeten.

jodendom ziet over het algemeen de mens niet als per se door het kwaad geregeerd. De mens is in basis neutraal, niet goed en niet slecht. We hebben Gods openbaring nodig om aan de goede kant van de lijn terecht te komen en, helaas, de mens is wel een beetje opstandig. Geef de mens één opdracht, keer je om en hij breekt de afspraak. Maar jodendom is ook niet naïef. Er bestaan goede mensen, maar ook wel degelijk kwade. Kwaad is niet een kracht op zichzelf maar een gevolg van de chaos in de wereld. Het is onze taak als mensen om er mee te dealen en te werken aan een stabiele, goede wereld.

Wanneer ik de tekst over Amalek lees, met zijn paradoxale oproep om niet te vergeten een herinnering uit te wissen, is het voor mij moeilijk deze te scheiden van de herinnering van mijn ouders aan de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog. Mijn ouders hebben het echte kwaad meegemaakt. Hun levens stonden in het teken van wat hen is aangedaan door mensen die anderen wilden uitbuiten en doden vanuit redeloze haat, vooral omdat het kon. Het leven van mijn ouders na de oorlog stond in het teken van de chaos en de herinnering die niet weg wilde gaan, de noodzaak om te gedenken en anderen te waarschuwen. Misschien wel dezelfde paradox als die uit Tora.

Voor ons is er de vraag hoe wij omgaan met hun herinnering en de herdenking van de sjo’a. Gewoon maar ophouden met herinneren is geen optie. Doorgaan met herdenken is een noodzaak, ook om volgende generaties te kunnen vertellen hoe het komt dat de Joodse wereld is zoals ze is. Tegelijkertijd is het van belang om niet te blijven steken in haat of angst maar te leven naar de toekomst. Als jodendom alleen maar te maken heeft met onderdrukking en vernietiging, waarom zou je dan nog Joods blijven? Anders dan in andere tijden is de keuze om een Joods leven te leiden een vrije keuze geworden. Ja, er bestaat kwaad, maar jodendom moet je vieren. Vandaar Poerim.

Nieuws

Fotoalbum toegevoegd: Talmoed Tora - 1e avond Chanoeka 5779 Lees meer >>
De Rabbijn legt uit: Herdenken, vieren ... Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: 50-jarig Jubileum LJG Lees meer >>

maart

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31