Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam.

20 mei 2019 | 15 Iyyar 5779

De rabbijn legt uit

De rabbijn legt uit

In de Talmoed (Sjabbat 31a) staan drie verhalen over de manier waarop Sjammai en Hillel omgingen met ‘gerim’, mensen die Joods willen worden. Het zijn steeds verhalen waarin aan de potentiële gerim een voorwaarde wordt gesteld die eigenlijk tot afwijzen zou moeten leiden. Sjammai stuurt hen weg, door Hillel worden ze geaccepteerd. Steeds is het einde van het verhaal dat de ger de volledige voorwaarden van het jodendom accepteert.

Het bekendste van de drie verhalen (het tweede in de reeks) is over een ger die bij Sjammai komt en zegt dat hij Joods wil worden op voorwaarde dat Sjammai hem de hele Tora kan leren terwijl hij op één been staat. De tekst zegt dat Sjammai hem wegjaagt met de ellestok. Sjammai was volgens de traditie een bouwer, de ellestok is dus gereedschap, blijkbaar ook in de omgang met mensen. De ger gaat naar Hillel met dezelfde vraag. Hillel antwoordt hem: “dat wat voor jezelf verfoeilijk is, doe dat een ander niet. Dat is de hele Tora, de rest is uitleg.” Het eerste verhaal in de reeks gaat over een ger die wel de schriftelijke leer (zeg maar de letterlijke tekst van de Bijbel) accepteert, maar niet de uitleg. Het derde over een ger die Joods wil worden op voorwaarde dat hij Hogepriester zou worden. Sjammai wijst de gerim steeds af, Hillel accepteert hen en stuurt hen naar school.

Je kunt debatteren over de vraag of Hillel in ons verhaal wel een eerlijk antwoord gaf. Er is vast wel meer te zeggen over Tora dan die ene zin, op deze manier is er wel heel veel interpretatie. Het ging Hillel, net zoals blijkt uit de twee andere verhalen, om het resultaat. Hij hielp iemand de beslissing te nemen om Joods te worden.

De woorden van Hillel zijn een versie van wat in de ethiek de ‘gulden regel’ wordt genoemd. ‘Behandel anderen zoals je door hen behandeld wilt worden’. Je kunt deze regel in allerlei vormen vinden in allerlei religies en levensovertuigingen. De versie van Hillel is negatief geformuleerd. De versie die je in Tora vindt en dus in het jodendom meer autoriteit heeft, is onderdeel van de sidra van deze week en is juist positief geformuleerd:

Je moet je naaste liefhebben als jezelf. Ik ben de Eeuwige. (Wajikra [Leviticus] 19:18).

Je kunt de vraag stellen waarom Hillel kiest voor een negatieve formulering. Wat mij opvalt is dat, op de eerste plaats, de ‘doelgroep’ van Hillel veel groter is. Daar waar Tora spreekt over de naaste, heeft de opdracht van Hillel geen begrenzing. Je moet misschien je naaste liefhebben, maar je moet niemand behandelen op een manier die voor jezelf hatelijk is. Tegelijkertijd word je niet gevraagd iedereen lief te hebben. Dat lijkt mij eerlijk. Iedereen liefhebben lijkt mij een opdracht voor een heilige, niet voor gewone mensen.

Ik denk echter dat je de formulering van Hillel op de eerste plaats moet lezen als kritiek op de handelwijze van Sjammai. Niemand wil afgewezen worden. Met de ellestok weggejaagd worden, zonder gesprek, op basis van een enkele opmerking, is zonder meer iets waarvan ik hoop dat het mij nooit overkomt. Voor mij is de impliciete les die Hillel ons wil leren dat je gerim misschien niet onmiddellijk lief hoeft te hebben - ze zijn vooralsnog je naaste niet - maar dat je wel moet nadenken over de manier waarop je met mensen omgaat, ook als je ze niet goed kent en je de formulering van de vraag vreemd vindt. Iedereen verdient een respectvolle behandeling, zeker iemand die nadenkt over de vraag of hij of zij Joods zou willen worden, om welke reden dan ook.

Kiezen voor jodendom is geen makkelijke keuze. Zoals bekend is Joods zijn niet alleen maar leuk, ook in Nederland is er antisemitisme. Jood zijn betekent deel worden van een hechte gemeenschap, het is niet alleen een keuze voor een religie, het is een keuze voor lotsverbondenheid. Mensen die Joods geboren zijn hebben de ervaring dat je niet kunt kiezen voor jodendom, net zo min als je plotseling kunt kiezen om het niet meer te zijn. Je bent gewoon Joods, of je daar nu iets ‘aan doet’ of niet. Het is net zoiets als een familie. Het is niet aan een buitenstaander om te beslissen of je deel wilt worden van mijn familie, daar is instemming van mij en de overige familieleden voor nodig.

Ik ga er dan ook vanuit dat je Hillel niet moet lezen als een oproep om iedereen te accepteren. Maar als we iemand willen afwijzen, moet dat wel op een goede manier gebeuren, zoals wij zelf behandeld willen worden.

Nieuws

De Rabbijn legt uit: Ellestok ... Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: Poerim 5779 Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: 50-jarig Jubileum LJG Lees meer >>

mei

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31