Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam.

26 september 2021 | 20 Tishri 5782

Nitzawim

Nitzawim

Het is bijna Rosj Hasjana en dat betekent ook dat wij bijna aan het eind zijn van de jaarlijkse cyclus van het lezen van Tora. De sidra Nitsavim die wij deze week lezen, gecombineerd met de sidra Wajelech, neemt een thema op dat een aantal keren in het boek Dewarim naar voren komt. Het volk is verzameld aan de oever van de Jordaan, vlak voor de intocht in het land, en luistert naar de woorden die Mosjé spreekt. Wanneer wij naar dezelfde woorden van Mosjé luisteren, plaatsen wij ons in dezelfde situatie. Ook wij maken deel uit van het volk dat voor de keuze tussen het goede en het kwade wordt gesteld. Het is ook de keuze die centraal staat bij de Hoge Feestdagen. Het begin van de sidra wordt daarom vaak uitgelegd in het licht van Rosj Hasjana. “Jullie staan vandaag allen voor de Eeuwige, jullie God: jullie aanvoerders, jullie stamhoofden, jullie oudsten en jullie gerechtsbeambten, alle mannen van Jisraël. Jullie kinderen, jullie vrouwen, de vreemdeling bij jou die zich in je legerkamp bevindt, zowel houthakker als waterschepper, om toe te treden tot het verbond van de Eeuwige, je God, dat de Eeuwige, je God vandaag met je sluit…” (Dewarim [Deuteronomium] 29:9-11). Wanneer wij samen in sjoel zijn tijdens Rosj Hasjana en Jom Kippoer, zijn wij alsof wij samen voor het Goddelijke Bet Din staan, Gods gerechtshof.

Een paar weken terug heb ik “Or Hachajim” aangeschaft. Het is een commentaar op Tora, geschreven door Chaim ibn Atar, een rabbijn die leefde in Marokko en Jeruzalem in de eerste helft van de 18e eeuw. Chaim ibn Atar stelt vaak vragen aan de tekst die zelfs na twee-en-een-halve eeuw nog fris overkomen. In dit geval wijst hij erop dat al eerder in de tekst, aan het eind van hoofdstuk 28 wordt gezegd: “dit zijn de woorden van het verbond”. Alles dat daarvoor staat, behoort blijkbaar bij de verbondstekst. Wordt er hier dan een ander verbond bedoeld? Hij verbindt zijn antwoord met de vraag waarom hier een opsomming van soorten mensen wordt gegeven. Waarom staat er niet gewoon: “Jullie staan vandaag allen voor de Eeuwige”? De opsomming lijkt niets toe te voegen aan de betekenis. Voor Chaim ibn Atar is het antwoord dat hier inderdaad een ander verbond wordt gesloten. Het is een verbond met de Eeuwige waar iedereen partner van is, de onderlinge verantwoordelijkheid wordt benadrukt. In de woorden van de Talmoed: “Kol Jisrael arevim ze ba-ze” “Ieder lid van het Joodse volk staat borg, de een voor de ander” (Sjevoe’ot 39a).

Als je de lijst met delen van het volk leest, is het wel duidelijk dat het begin wordt gevormd door mensen die leidinggeven, of zichzelf zien als degenen die belangrijk zijn. Ook zij staan hier, niet tegenover, maar samen met alle anderen aan de oever van de Jordaan. Ik moet eerlijk zeggen, ik struikel altijd een beetje over de twee beroepsgroepen die aan het eind van de lijst staan. Wat zou de positie van een houthakker of waterschepper zijn in een volk dat door de woestijn zwerft? Of wil de tekst ons zeggen dat je, zelfs als je Joods bent maar van jezelf denkt dat je niet in het rijtje thuishoort, er toch onderdeel van bent. 

Nieuws

Fotoalbum toegevoegd: Dagtocht Rotterdam op 25 augustus 2019 Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: Poerim 5780 Lees meer >>
De Rabbijn legt uit: Offer... Lees meer >>

september

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30