Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam.

27 september 2021 | 21 Tishri 5782

Sjoftim

Sjoftim

De “setting” van het boek Dewarim is de laatste periode voordat het volk de Jordaan oversteekt om het beloofde land in te nemen. Daarom gaan veel van de teksten over wat je moet doen als je daar eenmaal bent aangekomen. Veel van de inhoud van deze sidra bestaat uit regels voor, zeg maar, de staatsinrichting. De sidra begint met de opdracht om “Sjoftim we-Sjotrim” aan te stellen, rechters en rechtshandhavers. Er is ook een soort “hoger beroep” systeem. Sommige wetten hebben een zeer idealistisch, maar ook wel wat theoretisch gehalte. Wanneer je een koning aanstelt bijvoorbeeld, moet die voor zichzelf een Torarol schrijven en die bij zich houden als hij op de troon zit.

De meest sprekende zin uit de sidra is een principe: “Tsedek, tsedek tirdof”, “Rechtvaardigheid, rechtvaardigheid zal je najagen (Dewarim [Deuteronomium] 16:20) ”. Over deze zin is heel veel te zeggen, ik beperk mij tot een paar opmerkingen. Om te beginnen, iets dat voor de hand ligt maar misschien wel de belangrijkste uitdaging van dit vers is, is het laatste woord. Je moet niet rechtvaardig zijn, of van rechtvaardigheid houden, of hopen dat anderen jou rechtvaardig behandelen. De vraag die deze tekst stelt is om in actie te komen om rechtvaardigheid na te jagen. Er wordt een actieve handeling van ons verwacht.

Op de tweede plaats, het is de vraag wat “Tsedek” precies betekent. Ik vertaal hier “Tsedek” met “rechtvaardigheid”, maar los nog van de vraag wat dit Nederlandse woord precies is (is het hetzelfde als “recht”? Zijn er situaties waar “recht” en “rechtvaardigheid” met elkaar in tegenspraak zijn?), kun je de vraag stellen wat het woord in het Hebreeuws betekent. In Tenach (de Hebreeuwse Bijbel) komt het woord vooral voor in de betekenis van sociale rechtvaardigheid. Een rechtvaardige koning zorgt ervoor dat de rijken de armen hun grond en andere middelen van bestaan niet ontnemen. Hij geeft de grond zelfs terug wanneer dat wel is gebeurd. Tenach propageert zeker geen systeem van ongebreideld kapitalisme.

Het stam van het woord “Tsedek” komt in ons moderne Joodse taalgebruik voor in twee verschillende woorden die beide wel iets te maken hebben met de oude betekenis in Tenach, maar toch ook weer niet. “Tsedaka” is de term die wij gebruiken voor giften aan de armen. Onze leraren maken duidelijk dat “tsedaka” het recht is van de arme. Je geeft dus tsedaka niet uit je goedheid, maar omdat het rechtvaardig is.

Een “Tsadiek” noemen wij tegenwoordig iemand die veel weet van Tora en behoorlijk vroom is. De basisbetekenis heeft echter niet te maken met de mate van vroomheid, maar met de mate waarin iemand rechtvaardigheid najaagt. Je mag van een “tsadiek” dan ook wel wat verwachten op dit gebied.

Veel van de regels in deze sidra zijn voor ons niet uitvoerbaar. Ze passen bij een landbouwmaatschappij zoals het oude Israël was. Het is daarom begrijpelijk dat verschillende commentaren proberen de regels naar ons toe te halen, ze maken van iets dat zich op staatsniveau zou moeten afspelen, iets dat ieder voor zich, persoonlijk, zou kunnen doen. Bij Me ha-Sjiloach (Leiner) vond ik dat de eerste “Tsedek” erop duidt dat je vooral moet zorgen dat je zelf de mitswot najaagt en er nauwgezet mee bent. De tweede Tsedek duidt er echter op dat je een andere houding moet aannemen ten opzichte van je naaste. Rechtvaardigheid betekent dat je eisen stelt aan je eigen gedrag maar de manier waarop anderen met de mitswot omgaan, grootmoedig aanvaart. “Opdat je zult leven”, gaat de tekst verder. Opdat je weet wanneer je je naaste terechtwijst, zodat samenleven mogelijk blijft. 

Nieuws

Fotoalbum toegevoegd: Dagtocht Rotterdam op 25 augustus 2019 Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: Poerim 5780 Lees meer >>
De Rabbijn legt uit: Offer... Lees meer >>

september

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30