Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam.

01 oktober 2022 | 6 Tishri 5783

Wa-etchanan

Wa-etchanan

In Tora wordt op verschillende plaatsen gesproken over het verbod op het maken en aanbidden van beelden. Het tweede gebod uit de Tien Woorden [de Tien Geboden] is natuurlijk de meest bekende plaats. In de sidra van deze week, Wa-etchanan, komt het verbod weer aan bod. Uitgebreider nu, gekoppeld aan de ervaring van het volk op de berg Sinai, Die berg wordt hier niet Sinai maar Horeb genoemd. 

U moet, omwille van uw leven, zeer op uw hoede zijn – u hebt immers geen enkele gestalte gezien op de dag dat de Eeuwige bij de Horeb tot u sprak vanuit het midden van het vuur – dat u niet slecht handelt en voor u een beeld maakt, de afbeelding van een afgodsbeeld, de vorm van een man of vrouw, de vorm van een dier dat op het land leeft, de vorm van een vogel die door de lucht vliegt, de vorm van iets wat op de aardbodem kruipt, of de vorm van een vis die in het water onder de aarde leeft. Wees ervoor op uw hoede dat u uw ogen niet opslaat naar de hemel, en de zon, de maan en de sterren ziet, heel het hemelse schare, en u laat verleiden om u voor hen neer te buigen en hen te dienen. Dewarim [Deuteronomium] 4:15 ev.

Mosjee legt het volk uit dat je geen beeld mag maken als voorstelling van God. Niet van iets dat leeft, maar ook niet van hemellichamen. Niet zozeer omdat God niet te verbeelden is, maar omdat je geen beeld hebt gezien op het meest belangrijke moment van de reis door de woestijn, tijdens het geven van Tora. Er was vuur en natuurgeweld en de stem van God, maar geen herkenbare bron voor die stem.

Voor ons is het idee dat God geen materiële gestalte heeft zozeer gemeengoed geworden dat we geen idee hebben hoe we God zouden moeten uitbeelden. Dat maakt onze Westerse, moderne cultuur, samen met de wereld van de Islam, een uitzondering in de geschiedenis van de mensheid tot nu toe. Het is echter maar de vraag of dat is wat dit verbod ons wil leren. Het gaat er hier vooral over dat God zich niet aan ons heeft getoond, alleen Zijn/Haar woorden aan ons heeft gegeven. De woorden moeten centraal staan, niet de verbeelding van de materiële vorm. 

Voor ons heeft God niet alleen geen gestalte, Hij/Zij heeft ook geen naam. De vierletterige naam van God die in Tenach wordt gebruikt, heeft geen bekende uitspraak meer. Veel mensen zeggen dat het een vorm moet zijn geweest van het werkwoord “zijn” en daarom vertalen we vaak “Eeuwige”. Maar het eeuwig, buiten de tijd zijn, is maar één aspect van God. Er zijn ook mensen die zeggen dat de Naam in wezen betekenisloos is, alleen maar een notatie van vier klinkers. Een soort verzuchting.

Zijn wij, in onze dagen, nog instaat om ons de aanwezigheid van God voor te stellen? De abstractie van God als de Algoede wiens aanwezigheid buiten tijd en ruimte is, geeft niet veel houvast in onze chaotische tijden.

Misschien nodigt deze tekst ons uit om God voor te stellen als degene die zich voor ons verborgen houdt, wiens keuze het is om niet zichtbaar te zijn. Degene die alleen zijn/haar woorden aan ons laat horen. Wiens naam wij niet kennen maar die antwoord geeft op onze verzuchting. Wie weet is dat een beetje houvast.

Nieuws

Fotoalbum toegevoegd: installatie Rabbijn Peter Luijendijk op 19 juni 2022 Lees meer >>
De Rabbijn legt uit: Offer... Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: op Sjabbat 21 mei 2022 nam Albert afscheid als rabbijn van onze LJG Lees meer >>

oktober

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31