Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam.

01 oktober 2022 | 6 Tishri 5783

Wajisjlach 2019

Wajisjlach 2019

In de sidra van deze week, Wajisjlach, vinden we het verhaal van Ja’akov die in de nacht de rivier de Jabok oversteekt en dan vecht met een “man”(Beresjit [Genesis] 32:24-32). Vechten is ‘Jee’abeek’ in de tekst dat lijkt opmerkelijk veel op Jabok. Aan het eind van het gevecht vraagt Ja’akov om een zegen. Het is een kort en wonderlijk verhaal.

Ik was gisteren bij een bijeenkomst van het Monthly Minyan in Den Haag waar aan het eind een gesprek ontstond met David Frankel, de spreker van die avond, over de vraag of God in Tora een lichaam heeft. Net als David Frankel denk ik dat dit inderdaad zo is. Tora geeft je echter (heel nadrukkelijk) geen beschrijving van het uiterlijk van God. Te duidelijke beschrijvingen worden zelfs uit de weg gegaan. In het scheppingsverhaal, bijvoorbeeld, wandelt God in de avondwind (Beresjit 3:8). Tijdens het ontvangen van Tora zien de zeventig ouden de voeten van God boven hen op de blauwe hemelboog (Sjemot [Exodus] 24:9-11). In ons verhaal maakt de Tora niet duidelijk wie de “man” is waarmee Ja’akov vecht en de implicatie is dat het best wel eens God zelf zou kunnen zijn. Latere commentatoren willen daar niet aan, God is dan alleen geest, geen materie. In veel commentaren is de “man” daarom een engel van God.

In de negentiende eeuw ontstaat meer interesse in een psychologische verklaring. In chassidische termen is het vaak Ja’akov die vecht met zijn “jetser hara”, zijn eigen kwade aandrift, en eindelijk afrekent met zijn identiteit als oplichter of (misschien hetzelfde) zijn angsten. In moderne commentaren vinden we vaak de voortzetting van deze gedachte. Het idee dat het eigenlijk gaat om een interne strijd die uitloopt op een identiteitsverandering is ook wel ingegeven door het einde van het verhaal waarin Ja’akov een nieuwe naam krijgt, Jisraël.

De “man” waarmee Ja’akov vecht, is daarmee gedegradeerd van God zelf, via een engel tot Ja’akov en zijn angsten. Of is dat wel een echte degradatie en praten wij, op de een of andere manier, nog steeds over hetzelfde. De mens is nou eenmaal in Gods beeld geschapen. Zou je kunnen zeggen dat Ja’akov in strijd is met, wat hij ervaart als de God in hem, zijn eigen Godsbeeld?

En hoe gaan wij om met ons eigen Godsbeeld?

Of vechten wij daarmee?

Nieuws

Fotoalbum toegevoegd: installatie Rabbijn Peter Luijendijk op 19 juni 2022 Lees meer >>
De Rabbijn legt uit: Offer... Lees meer >>
Fotoalbum toegevoegd: op Sjabbat 21 mei 2022 nam Albert afscheid als rabbijn van onze LJG Lees meer >>

oktober

  • <  
  •   >
z m d w d v z
 
 
 
 
 
 
1
 
2
 
3
 
4
 
5
 
6
 
7
 
8
 
9
 
10
 
11
 
12
 
13
 
14
 
15
 
16
 
17
 
18
 
19
 
20
 
21
 
22
 
23
 
24
 
25
 
26
 
27
 
28
 
29
 
30
 
31